Redactie

In dit nummer


Bron: De Internationale, Nederlandstalig theoretisch orgaan van de IVe Internationale, 1994, voorjaar, (nr. 49), jg. 38
Deze versie: spelling
Transcriptie/HTML en contact: Adrien Verlee, voor het Marxists Internet Archive
Creative Commons License 3.0.
Algemeen: u mag het werk kopiëren, verspreiden en doorgeven; remixen en/of afgeleide werken maken; mits naamsvermelding.
| Hoe te citeren?

Qr-MIA

       
Leest u dit met een smartphone?
Met (enkele) smartphones moet u zelf uitmaken welke modus voor u geschikt is


Deel deze tekst met een kennis
Het e-mailadres:



“Cijfers over kinderarbeid zijn in de hele wereld erg onbetrouwbaar. Vrijwel overal is kinderarbeid onwettig en verboden en regeringen zitten niet te springen om openheid en nauwkeurig onderzoek. Dat geldt niet alleen voor landen in de ‘Derde Wereld’. De Children’s Society in Engeland vermoedt dat er in dat land zo’n 75.000 van huis weggelopen kinderen rondzwerven – waarvan een deel in de door de crisis sterk gegroeide prostitutie belandt – maar geeft toe dat de statistieken van weggelopen honden waarschijnlijk betrouwbaarder zijn dan die van weggelopen kinderen.” Dat schrijft Rob Gerretsen in dit nummer over kinderarbeid. Hij wil met cijfers, feiten en voorbeelden de aandacht vestigen op een wereldwijd probleem dat niet genoeg aandacht kan krijgen. “De werkelijkheid van honderden miljoenen verminkte, vertrapte kinderlevens is een graadmeter voor het beschavingspeil van de nieuwe wereldorde.”

Het is uiterst positief dat kinderen zich in sommige landen zelf beginnen te organiseren, maar “kinderen kunnen door hun zwakke positie in hun eentje de strijd niet winnen. Alleen een programma voor een totale reorganisatie van de maatschappij, zoals bijvoorbeeld dat van de Braziliaanse PT, biedt een perspectief.”


Alle linkse ogen in Latijns-Amerika zijn de komende tijd gericht op Brazilië, want daar vinden in oktober van dit jaar presidentsverkiezingen plaats. Net als in 1989, toen hij in de tweede ronde op het nippertje verloor van de inmiddels wegens corruptie afgezette Collor, is metaalarbeider Lula de PT-kandidaat voor het presidentschap. Mede doordat de PT de enige partij is die niet door corruptieschandalen is getroffen geven opiniepeilingen Lula nu al vele maanden een zeer ruime voorsprong op alle andere kandidaten. Links en rechts houden er dan ook serieus rekening mee dat hij de nieuwe president van Brazilië wordt. Wat voor koers zal een Lula-regering varen? Hoe zal ze omgaan met de immense problemen en druk waar ze ongetwijfeld mee geconfronteerd wordt? En welke dynamiek zal een overwinning van Lula teweeg brengen? Op haar achtste conferentie in juni 1993 nam de PT een uitgebreid document met uitgangspunten aan, dat op die vragen ingaat. Die interessante tekst publiceren we in dit nummer.

Een van de sterke kanten van de PT is haar opvatting over democratie en daarmee verbonden het grote gewicht dat ze toekent aan mobilisaties en zelforganisaties in de strijd voor radicale maatschappelijke veranderingen. Democratie is voor de PT niet iets voor parlementen en beroepspolitici, maar: “Om werkelijke en onafhankelijke democratie tot stand te brengen zullen we arbeid(st)ersraden moeten opzetten en constant en direct ruggespraak moeten houden met de bevolking. We geloven dat het succes van onze strijd voor hervormingen en voor de democratisering van de staat en de samenleving afhankelijk is van activiteiten van de bevolking en op regeringsniveau, tegen de heersende orde.” Het artikel van Eric Toussaint sluit daar op aan. Hij analyseert de achtergronden van het verlies aan geloofwaardigheid van parlementaire instellingen en traditionele partijen in de kapitalistische landen. “We moeten het eens worden over wat democratie werkelijk betekent. Die vraag houdt meteen een radicale kritiek in van de zogenaamde burgerlijke, kapitalistische democratie.” Hij gaat terug naar de oude marxisten voor een “bevrijdingsproject”: “Daarin moet in de eerste plaats de reëel bestaande democratie worden aangepakt; de samenleving moet worden bevrijd van de heerschappij van het geld en van de privé-eigendom van de productiemiddelen, van de mannelijke overheersing en van de uitbuiting; het respect voor het delicate evenwicht tussen mens en natuur moet een vaste leefregel worden. Kortom, een samenleving als vrije menselijke gemeenschap, in al haar geledingen.”


Verder in dit nummer een artikel van Marijke Colle over de relaties tussen het biologische en het sociale in de mens aan de hand van Darwin en zijn wetenschappelijke erfgenamen. En zoals gebruikelijk de rubriek Uitgelezen.


Het volgende nummer van De Internationale verschijnt nog vóór de zomervakantie en wordt iets speciaals omdat het nummer 50 zal zijn. Behalve artikelen over (onder voorbehoud) de ontwikkeling van de Europese Unie, over het denken van Hans Achterhuis, over modernisme en over werkloosheid in Europa, hebben we een extra katern van 12 pagina’s gepland over de burgerlijke revolutie (16e eeuw) in de Lage Landen.